Steun ons en help Nederland vooruit

vrijdag 14 december 2018

Meer evenwicht in beleid, uitvoering en handhaving

Carl Schoor pleit in maidenspeech voor meer evenwicht in de trits beleid, uitvoering en handhaving.

Bijdrage (maidenspeech) Carl Schoor in vergadering Provinciale Staten 7 december 2018 

Voorzitter,

Niet vaak zal het voorkomen dat 3,5 maand voor afloop van een Statenperiode een nieuw Statenlid Provinciale Staten van Zeeland voor het eerst toespreekt. Ik ervaar het als bijzonder dat ik, als gevolg van de kleine carrousel van verschuivingen na het aftreden van de fractievoorzitter van D66 in de Tweede Kamer, op 9 november jl. werd beëdigd als Statenlid in de plaats van Rutger Schonis. Ik mag u dus nu voor het eerst toespreken.

Mijn bijdrage over de Beleidsnota Natuurwetgeving is kort. Het is een fraaie nota, waarvoor de gedeputeerde mevr. Schönknecht in de Commissie Ruimte terecht veel lof kreeg toegezwaaid. Ik volsta met drie opmerkingen. Voor de gevolgen van de recente PAS-uitspraak van het Hof van Justitie EU verwijs ik naar de artikel 44-vragen hierover namens D66, PvdA en GroenLinks.  Wat betreft de verwilderde katten: Daarover is in de Commissie Ruimte uitgebreid ingesproken en vervolgens gesproken. De hele discussie is treffend samengevat in de brief van de Dierenbescherming van 29 november jl. Gezien die brief en ook de ingediende amendementen zal het niet verbazen als uiteindelijk van afschot wordt afgezien. Enige zorg heb ik wel over Hoofdstuk 9 van de Nota met het opschrift “Toezicht en handhaving”. Weliswaar is voorzien in een hoog ambitieniveau op dit onderwerp met op blz. 66 een indrukwekkende lijst van prioritering en de gekozen mate van toezicht. Voorts is de formatie voor toezicht bij de RUD met 1,85 fte uitgebreid. De vraag blijft of met deze uitbreiding het gewenste ambitieniveau kan worden gehaald.

Bij toezicht en handhaving wil ik in meer algemene zin wat langer stilstaan. Nederland kent sinds de Tweede Wereldoorlog een beproefde traditie van een grote beleidsproductie op velerlei bestuursterrein. Met die productie kwam ook een almaar uitdijende stroom wet- en regelgeving op gang. In schril contrast daarmee staat wel de aandacht in het openbaar bestuur voor uitvoering en vooral toezicht en handhaving. In mijn langjarige werkervaring in de bestuursrechtelijke geschilbeslechting viel mij als rode draad op dat in menig geschil toezicht en handhaving meestal niet het logische sluitstuk van de trits beleid, uitvoering en handhaving vormen maar een kennelijk weinig aandacht verdienende sluitpost. Dit laatste tot ergernis en frustratie bij vooral omwonenden in rechtszaken over handhaving.

Voor dit gebrek aan evenwicht in die trits is een verklaring dat de alsmaar uitdijende overheidstaak na de Tweede wereldoorlog vooral beleid en regelgeving de wind in de zeilen gaf. Daarnaast is het maken van een beleidsnota ook een intellectueel uitdagende en de verbeelding prikkelende bezigheid die goed aansluit op de vorming die beleidsambtenaren in hun opleiding hebben genoten. De beleidsnota vloeit voort uit wettelijke verplichtingen of is uitvoering van de plannen en ambities die bestuurders in het publieke domein bij de aanvang van hun bestuursperiode hebben gepresenteerd. Bij uitvoering doemen echter vaak praktische problemen op die bij de beleidsvorming onbekend of onvoorzien waren. Dit leidt nog wel eens tot gebrekkige uitvoering of ingrijpende bijstelling van het beleid. Toezicht en handhaving is een bij bestuurders weinig populaire bezigheid. Het is juridisch lastig, de menskracht voor deze functie is beperkt, terwijl het onderzoek moeizaam en tijdrovend kan zijn. Bovendien kan handhaving kostbaar worden als kostenverhaal op de overtreder niet mogelijk is. Het is dus vaak geploeter in het vooronder.

Is hier een oplossing voor? Gedacht kan worden aan het scheiden van enerzijds de verlening van vergunning, ontheffing of toestemming en anderzijds toezicht en handhaving. Een aparte toezichthouder, bijvoorbeeld een Rijksinspectie, zou toezicht en handhaving in gemeenten en provincies objectief en neutraal kunnen uitvoeren. Anderzijds brengt deze oplossing het risico mee dat bureaucratisering op de loer ligt. Bovendien is toezicht en handhaving bij het Rijk niet altijd goed geborgd en zet het Rijk graag in op decentralisatie.

Een andere denkrichting is dat bestuurders zich bij de beleidsvorming meer rekenschap geven van de vraag of toezicht en handhaving ook daadwerkelijk op een met de beleidsambities overeenkomend niveau kunnen worden geborgd. Voor vertegenwoordigende lichamen geldt dat hun kritische rol niet beperkt blijft tot de fase van vaststelling van beleid en regelgeving maar zich ook richt op uitvoering, toezicht en handhaving, bijvoorbeeld in de vorm van een adequate periodieke monitoring. Het is immers frustrerend regelmatig na verloop van tijd te moeten vaststellen dat het niet helemaal zo is gelopen zoals met het beleid voor ogen stond.

Waarom deze beschouwingen bij de behandeling van de nota natuurwetgeving? In het huidige tijdsgewricht, waarin steeds meer inzicht ontstaat in ongewenste en schadelijke gevolgen van bepaalde economische activiteiten voor natuur en gezondheid, is adequate uitvoering, toezicht en handhaving van het natuurbeleid van het grootste belang. Uiteindelijk zou niet het beleid op zich op de voorgrond moeten staan maar de vraag of na verloop van enkele jaren daadwerkelijk stikstofreductie wordt gerealiseerd, of de natuur en de leefbaarheid niet bezwijken onder het naar verwachting ook in Zeeland verder toenemende toerisme, of de biodiversiteit niet verder onder druk is komen te staan en hoe natuur-inclusieve landbouw dichterbij kan worden gebracht.

Mijn periode als Statenlid zal om reden van de aanstaande Statenverkiezingen een korte zijn. Ik hoop met het voorgaande een kleine aanzet tot overdenking van het belang van meer evenwicht in de trits beleid, uitvoering en handhaving te hebben gegeven.

Ik dank u voor uw aandacht.

Middelburg,

7 december 2018